Eindejaarstips top 10

Nieuws

Eindejaarstips top 10

Welke (fiscale) maatregelen kunt u als ondernemer dit jaar nog treffen die voordelig voor u kunnen uitpakken? Hoe kunt u nu al slim inspelen op wijzigingen die vanaf 2025 gaan gelden? Tien praktische tips.

Let op! Een aantal van deze aanbevelingen is gebaseerd op de voorstellen uit het Belastingpakket 2025, dat nog goedkeuring behoeft van zowel de Tweede als de Eerste Kamer. Daarnaast kondigt het kabinet regelmatig nieuwe plannen aan of worden bestaande plannen aangepast; daarom is het van belang om altijd even contact op te nemen met uw adviseur voor overleg.

1. Koop nu nog een bestelauto zonder bpm

Ondernemers zijn momenteel vrijgesteld van bpm bij de aankoop van een nieuwe bestelauto, mits deze voor minimaal 10% zakelijk wordt gebruikt. Deze vrijstelling vervalt echter in 2025. Dit kan aanzienlijke kosten met zich meebrengen, dus het is raadzaam om nu nog een nieuwe bestelauto voor zakelijk gebruik aan te schaffen.

Tip! Een bestelauto zonder CO2-uitstoot kunt u ook in 2025 zonder bpm kopen.

2. Optimaliseer uw KIA

Wanneer u investeert, kunt u mogelijk profiteren van de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA). Het KIA-percentage neemt af naarmate het investeringsbedrag toeneemt, waardoor het bij grotere investeringen vaak voordelig is om deze over meerdere jaren te spreiden, indien mogelijk. Er zijn verschillende voorwaarden verbonden aan de toepassing van de KIA. Het is daarom raadzaam om met uw adviseur te overleggen of het verstandig is om een investering aan het einde van dit jaar uit te stellen naar 2025, of om een geplande investering in 2025 naar voren te halen.

3. Denk na over uw dividendplanning in 2024 en 2025

In 2024 bedraagt het belastingtarief in box 2 24,5% voor bedragen tot € 67.000. Indien u een fiscale partner heeft, kunt u zelfs tot € 134.000 aan dividend uitkeren tegen dit tarief. Voor bedragen boven deze drempel geldt in 2024 een belastingtarief van 33%. Het is daarom voordelig om dividend uit te keren tot maximaal € 67.000, of bij een fiscale partner tot € 134.000, om te profiteren van het lagere tarief. In 2025 kunt u tot € 67.804 uitkeren tegen 24,5%, en met een fiscale partner tot € 135.608. Het voorstel op Prinsjesdag 2024 is om het belastingtarief voor bedragen boven deze grenzen in 2025 te verlagen van 33% naar 31%.

Als u van plan bent een aanzienlijk bedrag aan dividend uit te keren, kan het voordelig zijn om een deel daarvan in 2025 uit te keren. Het is echter belangrijk om te overwegen dat dividenduitkeringen vanaf 2025 ook gevolgen kunnen hebben voor uw algemene heffingskorting en uw vermogen in box 3. Daarnaast kan een schuld aan uw bv van meer dan € 500.000 invloed uitoefenen op uw beslissing om dividend uit te keren. Onderzoek de mogelijke effecten en bereken of het voordeliger is om dividend in 2024 of in 2025 uit te keren.

4. Speel in op wijzigingen BOR en DSR

De bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) en de doorschuifregeling (DSR) ondergaan aanzienlijke veranderingen vanaf 2025. Het bedrag van de 100% vrijstelling wordt verhoogd naar € 1.500.000 (in 2024 is dit nog € 1.325.253), terwijl de vrijstelling boven dit bedrag daalt van 83% in 2024 naar 75% in 2025. Dit houdt in dat de regelingen in 2024 voordeliger kunnen zijn als de waarde van uw onderneming meer dan ongeveer € 1.870.000 bedraagt. Als de waarde van uw onderneming daaronder blijft, kunnen de regelingen in 2025 gunstiger uitpakken. Het is daarom raadzaam om te overwegen of het voordeliger is om uw bedrijf dit jaar over te dragen of te wachten tot 2025. Vergeet niet om ook andere wijzigingen die in 2025 van kracht worden in de BOR en DSR in uw overwegingen mee te nemen.

Tip! Omdat een bedrijfsoverdracht maatwerk is en de ene wijziging per 2025 in uw voordeel kan zijn terwijl de andere dat niet is, adviseren wij u altijd te overleggen met een van onze adviseurs. Zij kunnen u bijpraten over alle wijzigingen die per 2025 en 2026 vermoedelijk ingaan en u adviseren over uw eigen situatie.

5. Benut uw totale vrije ruimte

Als werkgever betaalt u, onder bepaalde voorwaarden, geen belasting binnen de werkkostenregeling, mits u met uw vergoedingen en verstrekkingen aan uw personeel binnen de vrije ruimte blijft. Voor het jaar 2024 bedraagt de vrije ruimte 1,92% van uw totale loonsom tot en met € 400.000. Voor bedragen boven de € 400.000 is de vrije ruimte in 2024 vastgesteld op 1,18%. Controleer of u nog vrije ruimte beschikbaar heeft en maak hier gebruik van om uw personeel extra te belonen, aangezien een eventuele overschot aan vrije ruimte niet kan worden meegenomen naar 2025.

Tip! Benut u uw vrije ruimte al maximaal en wilt u rond het einde van het jaar toch nog iets extra’s doen voor uw personeel, kijk dan of u dit kunt doorschuiven naar begin 2025.

6. Controleer uw voorlopige aanslag 2024

Controleer uw voorlopige aanslag voor 2024. Als deze te laag is, pas deze dan zo snel mogelijk aan. Het betalen van een aanvullende voorlopige aanslag inkomstenbelasting in 2024 kan resulteren in een lager vermogen in box 3 per 1 januari 2025, wat mogelijk belastingbesparingen oplevert. Bovendien zal de Belastingdienst vanaf 1 juli 2025 een rente van naar verwachting 6,65% in rekening brengen over uw aanslag inkomstenbelasting voor 2024. Dit percentage is aanzienlijk hoger dan de rente op een spaarrekening. Voorkom dat u deze hoge belastingrente moet betalen en controleer of uw voorlopige aanslag voor 2024 correct is.

Tip! Als u de voorlopige aanslag inkomstenbelasting meer dan acht weken voor het einde van het jaar aanpast en de Belastingdienst er niet in slaagt om de aangepaste voorlopige aanslag op tijd vast te stellen, zodat u dit jaar nog kunt betalen, kunt u op 1 januari 2025 toch rekening houden met deze belastingschuld in box 3.

Tip! Voor bv’s waarvan het boekjaar eerder eindigt dan 31 december, bijvoorbeeld door opname in een fiscale eenheid, begint de berekening van belastingrente al eerder, namelijk op de dag die zes maanden na het sluiten van het boekjaar valt. Vraag tijdig, dat wil zeggen binnen vier maanden na het einde van het boekjaar, een voorlopige aanslag aan om belastingrente te vermijden.

7. Nog één keer giftenaftrek Vpb

In de vennootschapsbelasting is er een regeling voor het aftrekken van giften. Deze regeling staat een aftrek toe van maximaal 50% van de winst, met een maximum van € 100.000. Er is een voorstel gedaan om deze giftenaftrek te laten vervallen voor boekjaren die beginnen op of na 1 januari 2025. Bovendien wordt voorgesteld om elke gift die een bv doet aan een ANBI of steunstichting SBBI, vanaf 2025 te beschouwen als een dividenduitkering aan de aandeelhouder(s), met de bijbehorende inhouding van dividendbelasting en belasting in box 2. Als u een goed doel (ANBI of steunstichting SBBI) wilt ondersteunen via uw bv, is het raadzaam dit nog in 2024 te doen.

Let op! Uiteraard moet uw bv in 2024 dan wel voldoende winst maken, anders leidt de gift niet tot aftrek.

8. Vraag voor de laatste keer de SEBA aan

In 2024 is het nog mogelijk om gebruik te maken van de Subsidieregeling Emissieloze Bedrijfsauto’s (SEBA). Deze subsidie is van toepassing bij de aankoop van een nieuwe, emissieloze elektrische bedrijfsauto met een maximaal gewicht van 4.250 kilo. Het subsidiebedrag is afhankelijk van de grootte van uw bedrijf en kan oplopen tot maximaal € 5.000 per voertuig. Houd er rekening mee dat u nog geen definitieve koop- of financial leaseovereenkomst mag hebben gesloten op het moment van indienen van uw subsidieaanvraag.

Let op! Wacht niet te lang met het indienen van uw subsidieaanvraag. Op 7 oktober 2024 was er nog slechts € 20.000.000 (33%) beschikbaar van het totale budget van € 60.000.000. Het aanvraagloket bij RVO.nl sluit op 31 december om 12.00 uur.

9. Beoordeel uw arbeidsrelaties met niet-werknemers

Vanaf 1 januari 2025 is de Belastingdienst weer bevoegd om handhavend op te treden wanneer een arbeidsrelatie met een zzp’er of andere niet-werknemer als een dienstbetrekking moet worden gekwalificeerd. Ondanks het verzoek van de Tweede Kamer om een geleidelijke overgang bij het beëindigen van het handhavingsmoratorium op deze datum, is het nu belangrijk om uw arbeidsrelaties binnen uw organisatie te evalueren en indien nodig stappen te ondernemen.

10. Optimaliseer samenstelling box 3 vermogen

Uw vermogenssamenstelling op 1 januari 2025 zal opnieuw de basis vormen voor de box 3-heffing die u in dat jaar verschuldigd bent. Het lijkt erop dat het tarief in box 3 in 2025 op 36% zal blijven. Het is daarom raadzaam om aan het einde van 2024 uw box 3-vermogen te evalueren. Als u bijvoorbeeld overweegt om beleggingen te verkopen, kan het voordeliger zijn om dit aan het eind van 2024 te doen in plaats van begin 2025, gezien het aanzienlijk hogere forfait voor beleggingen in vergelijking met bank- en spaartegoeden. Het is echter belangrijk om te benadrukken dat de box 3-heffing niet de enige factor moet zijn die uw beslissing beïnvloedt. Bovendien is het niet toegestaan om banktegoeden binnen drie maanden om te zetten in andere investeringen.

Daarnaast zijn er meer strategieën om uw box 3-vermogen te verlagen. Denk hierbij aan het doen van aankopen van waardevolle spullen aan het eind van 2024 in plaats van begin 2025, het schenken van geld eind 2024 in plaats van begin 2025, en het investeren in zogenaamde groene beleggingen. In 2024 zijn deze groene beleggingen nog vrijgesteld tot een bedrag van € 71.251 (fiscale partners € 142.502), terwijl dit in 2025 slechts tot € 30.000 (fiscale partners € 60.000) zal zijn. Bovendien heeft u recht op een heffingskorting van 0,7% over uw vrijgestelde groene beleggingen.

Let op! In de recente uitspraken heeft de Hoge Raad vastgesteld dat u in box 3 het – door de Hoge Raad vastgestelde – werkelijke rendement mag toepassen, mits dit lager is dan het wettelijke forfaitaire rendement. Dit wettelijke forfaitaire rendement blijft ook per 1 januari 2025 relevant. U kunt hier alleen van afwijken indien u kunt aantonen dat uw werkelijke rendement, berekend volgens de richtlijnen van de Hoge Raad, lager is dan het forfaitaire rendement.

Bron: SRA – Publicatiedatum: 10-10-2024